Afgelopen lente kon ik wederom niet mee en was vastberaden om de herfsttoer naar de Luxembourg niet aan mij voorbij te laten gaan. Luxembourg is echt een superland voor de motor. De Eifel en het Sauerland zijn ook super, maar toch krijg ik bij Luxembourg dat teletubby gevoel van “nog een keer…“.
Dag 1
Ik zag een beetje op tegen de heenreis. Dat klote stuk over de A2. Daar komt maar geen eind aan en dan ook nog dat peststuk langs Verviers waar iedereen als een blind paard die bochten pakt op een stuk snelweg waar je 100 mag, maar waar 80 beter zou passen als het een beetje drukker wordt. Verder zijn ze daar al bijna 10 jaar bezig met wegwerkzaamheden. Hoe moeilijk is het om een paar kruiwagens met asfalt neer te donderen???
De vooruitzichten waren gunstig – weeronline gaf voor heel het weekend zon aan met aangename temperaturen. Leren pak dus! Ik kwam snel terug van die beslissing. In de buurt van het vliegveld van Maastricht hield de zon het voor gezien waardoor de temperatuur gelijk 10 graden zakte. Klokkie van de motor gaf nog maar 12 graden aan. In de zon was het 19. In het leer, geen zon en maar 12 graden. Dat was niet lekker. Handvatverwarming op standje 5 van 5 en laten we ook maar de verwarming van de buddy aanzetten.. Ahhh.. Lekker..

Hoewel ik geen koude handen meer had en een milde zweetreet had ontwikkelt, had ik het toch steenkoud. Die buddy-verwarming moet maar even uit. Dat was echt te veel van het goede. Ik had het zo koud dat ik niet echt meer aan het rijden was en op de, min of meer, automatisch piloot richting Baraque Michel reed. Ik stopte daar direct en liep zo rond half 12 een tikkie verkrampt naar binnen. Doe maar een warme chocomelk s’il vous plait. Ik denk “ik vind het gescheten… ik blijf hier lekker opwarmen tot een uur of 12 – keuken ging niet eerder open dus veel keus had ik niet – en dan schuiven we een uitsmijter naar binnen”.
Terwijl ik aan de chocomelk zat kwamen er twee van de club binnen. Zij bestelden ook een chocomelk. Ik vroeg of ze het erg vonden als ik de rest van de reis achter hun aan kon rijden. Wel zo gezellig. Na de chocomelk bestelden we een uitsmijter. Alsof je lingo aan het spelen bent “…..staat…. niet op de kaart”. Shit! Er stonden alleen maar vage semi-culinaire gerechten op die kaart waar ik echt helemaal geen zin in had. Gelukkig had de eigenaar al gezien dat we boeren zijn – die eten alleen maar wat ze lusten.., toch? – en vertelde ons dat ie best wel een uitsmijter kon maken. Prachtig!
Ik had inmiddels besloten dat het wellicht een goed idee zou kunnen zijn om een regenjas erbij aan te trekken. Dat is weer een extra laagje en bovendien is dat ding winddicht. Dit was een zeer goed besluit. Ik had het niet meer koud – nu was ik daarbinnen ook wel opgewarmd, maar toch. Is begon zowaar behaaglijk op de motor te zitten en dat rijdt een stuk fijner.
Dag 2 – Rit 1

Slecht geslapen. Misschien een biertje te veel gisteravond, who knows… Ik had dan ook weinig trek in een ontbijtje. Koffie, dat is wat ik nodig heb. Ik eet toch al nooit zo veel ‘s ochtends. Echt een ramp was het nou ook weer niet. Ik reed weer op met de twee clubleden van gisteren. Het tempo zat er goed in. Het ging me soms iets te rap in de bochten, maar dat trok ik met die 6-cilinder wel weer bij op de wat rechtere stukken. No problem. Vanuit het hotel in Lambertsberg reden we met een kleine omweg richting Luxemburg.
Tegen de middag gingen we op zoek naar iets waar je kan eten. Dat had niet heel veel succes. Ik gaf aan dat je op campings vaak wel een eetgelegenheid hebt, dus bij de eerste de beste camping die we tegen kwamen zijn we gewoon het terrein op gereden. Bleek een succesje. Je kon er van alles krijgen en de friet wat geweldig. Zat een een of ander poedertje overheen en was zeer lekker.
Bij het plaatsje Winseler werden we tot een halt geroepen. De weg die kant op gaf al aan dat de route barré was. Dat is voor ons motorrijders nogal een ruim begrip. Helemaal in het weekend. Vaak kan je er gewoon langs. We konden een heel stuk doorrijden, maar uiteindelijk was de weg van zijde tot zijde versperd met 2 meter hoge dranghekken. Ja, dat gaat dus niet lukken. Op de Garmin konden we goed zien waar de route weer konden oppikken. De route werd daardoor iets korter. We moesten het er maar mee doen.

Dag 3 – Rit 2
De tweede rit ging ook voor een groot deel door Luxemburg, maar de nadruk lag vandaag op Duitsland. Zo’n 140 van de 250 kilometer liep over Duitse wegen. We hadden een heel klein stuk België. Krap 5 kilometer en dat merkte je meteen, wat een slecht wegdek. Heel bijzonder. Wel even een fotootje gemaakt en een sultana naar binnen gewerkt bij het 3 landen punt daar.
In Wiltz was het tijd voor een koffiestop. We konden daar niet eten al hadden een paar van ZMV, die daar toevallig ook zaten, wel een appelgebakje genomen geloof ik. Ik zei dat er in Kauterbach een hotelletje zat (Huberty) van een Nederlands echtpaar en dat je daar prima uitsmijters kon scoren. De route kwam er toch langs echter toen we daar waren zat alles potdicht en het zag er behoorlijk verlaten uit – Failliet?? Langs de route kwam nog een ander tentje maar dat zag er te lux uit.
We rijden verder, zoekende naar iets waar we wat konden eten. Nou, in Wahlhausen kwamen we iets tegen: “Beim Bertchen“. Het zag er aan de buitenkant goed uit. Aan de binnenkant nog veel beter, maar voor ons gevoel ietsiepietsie te lux. Maar goed, we hadden honger en gingen dus gewoon zitten toen we een tafeltje kregen aangewezen. Na het openen van de menukaart viel onze bek wijd open. Een menuutje van minder dan € 40,– stond gewoon niet op de kaart. Nou ja, een kindermenu met friet een 3 worstjes à € 20,– ofzo. Er zat niets anders op om het kindermenu te nemen.

Dag 4 – De terugreis
Wat zal ik zeggen – ik voelde me het hele weekend al niet zo geweldig en besloot rechtstreeks naar de snelweg te rijden. Het zou na de middag ook minder weer worden en ik had gewoon geen zin op met koppijn de regen in te gaan. Dus de snelweg op, een klein stukje Hoge Venen en dan via Aken naar huis. De organisatie had wel een hele mooie route terug uitgestippeld. Die bewaren maar voor een later moment.